Menu
De Vlaamse eerste lijn in beweging: een bezoek aan de zuiderburen

De Vlaamse eerste lijn in beweging: een bezoek aan de zuiderburen

België staat aan de vooravond van een transitie van de eerstelijnsgezondheidszorg. Zes commissies werkten thema’s uit hoe de transformatie eruit moet komen te zien. Een wetenschappelijke commissie reflecteert op die plannen. Opvallend is de duidelijke rol van zowel een regionale als multidisciplinaire aanpak en het centraal stellen van de patiënt(vraag). Ik breng een aantal bezoekjes aan onze zuiderburen, ter kennisdeling en inspiratie.

Door: Pepijn van den Beemt

Samen met ruim zeshonderd mensen uit de Vlaamse eerste lijn én de Vlaamse minister van Volksgezondheid breng ik een bezoek aan de conferentie 'Reorganisatie van de eerstelijnszorg in Vlaanderen'. Daar worden in een goede sfeer de toekomstplannen gepresenteerd. In die plannen staat samenwerking centraal in de oplossing. Op welk niveau dit ook plaatsvindt: wijk, dorp, gemeente, gemeente overstijgend, gewestelijk of federaal.

België is een stuk gecompliceerder dan Nederland. Niet alleen is er de tweedeling tussen Vlaanderen en Wallonië, ook Brussel wordt als apart gebied beschouwd – met daarin ook weer een tweedeling. En dan hebben we het nog niet gehad over de verzuiling, die nog duidelijk aanwezig is. De vraag die bij veel professionals leeft, is op welk niveau de samenwerking moet worden gezocht. Een vraag die ook in Nederland geregeld wordt gesteld. Maar is het niet belangrijker om de patiënt centraal te stellen en ons te richten op de samenwerking die daarvoor moet worden aangegaan, in plaats van op de omvang van het gebied? De wetenschap is er in ieder geval helder over en geeft aan dat regionalisering simpelweg moet gebeuren. Alleen daarmee zorgen we voor een betere kwaliteit van zorg en betere ervaren kwaliteit door de inwoners. Toch wordt de noodzaak om te veranderen nog niet altijd door iedereen gevoeld.

Stimuleren van eigen vitaliteit
Een kleine maand later rijd ik weer naar Brussel voor de Dag van de Zorg. Een nationaal zorgcongres met zowel mensen uit het veld, als sprekers van daarbuiten. Het verhaal van succesvol ondernemer Frans Colruyt blijft mij het meeste bij. Als eigenaar van supermarktketen Colruyt houdt hij een inspirerend betoog over duurzaamheid en doet hij een oproep om met elkaar samen te werken. Als voorbeeld neemt hij zijn eigen medewerkers, die ieder gewerkt uur (dus ook overuren) als gewerkt uur mogen beschouwen. Dit betekent dat werknemers extra uren kunnen sparen voor bijvoorbeeld hun pensioen of ouderschapsverlof, afhankelijk van hun eigen wensen. Door die keuze bij hen neer te leggen, denken medewerkers meer na over hun vitaliteit. Samenwerking en bottom-up initiatieven stimuleren, zorgen ervoor dat zijn onderneming zo succesvol is.

Als ik later thuis ben, google ik Frans Colruyt nog even. Ik lees dat hij jaren geleden supermarktketen SPAR heeft gered en deze weer succesvol heeft gemaakt, door medewerkers van de supermarkten zelf mee te laten denken om tot oplossingen te komen. Interessant dat een compleet andere – en voor velen van ons onbekende – sector zich vanuit een mensgerichte benadering bezighoudt met vraagstukken die veel invloed hebben op ons vakgebied, zoals duurzaamheid en vitaliteit.

Programmatische aanpak
Via de conferentie kom ik in contact met Dirk de Wolf, administrateur-generaal van het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid. Hij heeft als opdracht om zich voor de Vlaamse overheid bezig te houden met de reorganisatie van de eerste lijn. We plannen een gesprek om kennis en ervaringen te delen, overeenkomsten en verschillen te ontdekken. Hij toont veel interesse in de gezondheidsprogramma’s en proeftuinen die Robuust in Nederland begeleidt. Hij is benieuwd naar de leerervaringen en lessons learned.

Met dit gesprek sluit ik mijn prettige ontdekkingsreis in België af. Ik ben benieuwd hoe het land deze transitie zal doormaken. De hands-on mentaliteit en wil om te veranderen geeft veel vertrouwen. Een prioriteitsgevoel creëren, dat is waar nog aan moet worden gewerkt. Maar ja, dat is niet anders dan in veel gezondheidsprogramma’s in Nederland. Dat geïnteresseerd wordt gereageerd op onze programmatische aanpak bevestigt dat dit een uitstekende benadering is om regionale samenwerking op gang te brengen.

Publicatiedatum: 25 april 2017
Terug