Menu
Zorgnetwerk Weert: data als basis voor het gesprek én het maken van keuzes

Zorgnetwerk Weert: data als basis voor het gesprek én het maken van keuzes

Een toekomstbestendige zorg voor de inwoners van Weert. Daar streven de partners in het programma Zorgnetwerk Weert naar. Met als vertrekpunt: een gedegen programma vormgeven op basis van het Triple Aim gedachtengoed, gekoppeld aan populatiemanagement. In mei vorig jaar startte Robuust met het programmamanagement voor dit programma, dat op dit moment wordt vormgegeven. Programmamanager Yvette Couwenhoven en kennismanager Evelien Heinrich vertellen over de rol van data in deze unieke samenwerking in Weert.

“De samenwerking in Weert is al een winst op zich”, trapt Evelien af. “Dat komt door de samenstelling van de zeven partijen: gemeente Weert, zorgverzekeraar CZ, Huis voor de Zorg, Land van Horne, St. Jans Gasthuis, Meditta en Vincent van Gogh. Daarmee werken we niet alleen samen tussen de eerste en tweede lijn, maar ook met thuiszorg, gemeente, GGZ en een vertegenwoordiging van inwoners. Een goede start, maar samenwerken om het samenwerken is voor ons niet ambitieus genoeg. We doen het voor die toekomstbestendige zorg voor de inwoners in de regio, dat is onze stip op de horizon.”

Data delen is best spannend

Om die stip op de horizon scherp te krijgen, zijn we gestart met een regioanalyse. Naast ervaringskennis van deelnemende partijen staat het gebruik van data vanaf de start centraal. Daarbij maken we gebruik van de regionale praktijkspiegel van Vektis, waar Weert een proefgebied van is. “Dat vormde een natuurlijke manier om met die data aan de slag te gaan”, vertelt Yvette. “Onze kennismanager Annet Joustra vulde de cijfers aan met eigen informatie, gegevens van partners en andere bronnen. Om partijen hierin mee te krijgen, voerde ze gesprekken met de personen die de data zouden aanleveren.” Want voor sommige partijen is deze manier van werken nieuw.  Evelien: “Dat roept soms vragen op. Want wat ga je als programma precies doen met die informatie? En wie krijgt wat van elkaar te zien? Je geeft natuurlijk een stukje van je organisatie bloot, dat is best spannend.” 

Populatiemanagement
Bij populatiemanagement is de organisatie van zorg en welzijn gericht op de behoeften van een specifieke groep mensen (de populatie). Bijvoorbeeld iedereen ingeschreven bij dezelfde huisarts, mensen met een bepaalde aandoening of inwoners van een wijk.

Nieuwe manier van werken

“In Weert staan partijen daar gelukkig heel open voor”, gaat Yvette verder. “Natuurlijk is het wel belangrijk om te investeren in het vertrouwen in elkaar. Zowel in de stuurgroep, als in de organisaties zelf.” Evelien legt uit: “Doordat deze werkwijze nieuw is voor veel partijen is het belangrijk dat niet alleen de stuurgroep wordt meegenomen in het gedachtegoed, maar ook de personen die de data daadwerkelijk aanleveren. Zowel inhoudelijk over welke data van belang zijn, als over het waarom van het delen.”

Totaalbeeld heeft meerwaarde

Wanneer de data en analyse uiteindelijk op tafel komen, is een bekende reactie: ‘Dat wisten we wel.’ “Ik geloof dat ook”, reageert Yvette direct. “Veel informatie vind je natuurlijk ook terug in onderzoeken of haal je uit je eigen systemen.” Evelien: “Tegelijkertijd merk je ook dat het zien van het totaalbeeld een duidelijke meerwaarde heeft voor de bestuurders die aan tafel zitten. Je ziet niet alleen de data gericht op jouw organisatie, maar je krijgt een totaalbeeld van de gehele keten.” Yvette vult aan: “De combinatie van cijfers uit al die verschillende bronnen zorgt ervoor dat je een compleet beeld krijgt. Je kunt cijfers daardoor beter interpreteren, bijvoorbeeld rondom multimorbiditeit.” “Het levert hoe dan ook gespreksstof op, wat zeker ten goede komt aan de samenwerking”, vertelt Evelien.

Gemeenschappelijk vraagstuk

En laat die gespreksstof nu net een belangrijk onderdeel zijn van zo’n eerste fase van een programma in oprichting. Yvette: “Data vormen echt een vehikel om met elkaar in gesprek te komen en gevoel te krijgen bij waar het nu om draait.” Evelien vult aan: “Door het over cijfers van de regio te hebben, koppel je het vraagstuk los van de organisaties. Zo wordt het een gemeenschappelijk vraagstuk, waaraan iedereen zich kan verbinden en vanuit zijn eigen perspectief iets over kan zeggen. Daarbij leggen we knelpunten bloot en zien we waar het grootste verbeterpotentieel ligt.” Een valkuil hierbij is dat het gesprek over de regioverkenning oneindig kan zijn. “Data roepen vrijwel altijd weer nieuwe vragen op. Als Robuust zorgen we ervoor dat we de juiste balans vinden in het uitdiepen van gegevens en het afbakenen van welke data nu echt van belang zijn”, legt Evelien uit.

“Door de inzet van data in de startfase van een programma, vertraag je het proces. Om goede redenen, daar twijfel ik geen moment aan. Maar ik merk wel dat mensen moeten wennen aan deze aanpak. Het echte enthousiasme ontstaat pas een fase verder, wanneer we echt de eerste stappen gaan zetten.” Lees meer hierover in de blog van Yvette: ‘Vertragen om te versnellen’.

Focus en afbakening

Het afbakenen van de data loopt parallel aan de afbakening van je doelgroep, zowel demografisch als geografisch. Yvette: “Het gaat erom dat je duidelijke keuzes maakt, zodat je je populatie verkleint tot een beperkte groep.” Aan de hand van de regioverkenning en de ervaringen van de stuurgroep werd de keuze gemaakt om te focussen op ouderen. “Dan nog liggen er veel uitdagingen”, gaat Evelien verder. “Want over de gehele gemeente gezien, wonen ouderen in verschillende wijken waar niet alleen de leefomgeving varieert, maar waar ook verschillende partijen aan zet zijn. Afbakening van de doelgroep met een aantal specifieke vraagstukken helpt om partijen te verbinden.”

Blik in de toekomst

Wanneer die keuze voor de populatie is gemaakt, is het zaak om ook mét die doelgroep aan de slag te gaan. “Het is de combinatie die de aanpak compleet maakt”, vertelt Yvette. “Vanuit populatiemanagement-insteek combineren we kwantitatieve data uit de regioverkenning met ervaringskennis vanuit partijen en in de toekomst ook vanuit de doelgroep.” Toch ziet Yvette ook nog ruimte voor verbetering. “Ik zou het mooi vinden als we in de toekomst nog meer gebruik kunnen maken van prognosecijfers, een echte risicostratificatie. Nu worden veel beslissingen genomen op basis van cijfers uit het verleden.” Evelien vult aan: “In Weert wordt een goede basis gelegd om straks te kunnen meten of we vooruitgang boeken voor onze doelgroep. Maar we zijn er nog niet. De monitoring van de projecten die zullen worden opgestart, gaat een heel belangrijk onderdeel van het programma vormen. Zodat we de vraag ‘zijn we eigenlijk wel goed bezig?’ kunnen voorkomen.”

Wat is risicostratificatie?
Bij risicostratificatie deel je een populatie op in groepen op basis van het risico op het voordoen van ernstige gevolgen. Dat gaat op basis van medische uitkomsten, zoals het risico op doorverwijzing of het aantal ziekenhuisopnames. Aan de hand van data inventariseer je de kans op het verergeren van die risico’s. Vervolgens kun je de zorg anders inrichten.
Publicatiedatum: 9 maart 2018
Categorie: Data en monitoring, Ouderenzorg, Populatiemanagement, Programmamanagement, Triple Aim
Terug